hrmforce
hrmforce Skills Framework 2.0
Volledig functieprofiel
FN0504 · versie 2.0.0 · 2026-09-08

Accountant

FF05 Finance, control en administratie · ISCO-08 2411 · CBS 0411 Accountants · senioriteit senior · Ook bekend als: Registeraccountant, Ra accountant, Openbaar accountant, Accountant administratieconsulent, Externe accountant

Controleert of stelt jaarrekeningen samen, geeft daarbij een verklaring of rapport af en adviseert ondernemingen over verslaggeving, fiscaliteit en beheersing.

De accountant is eindverantwoordelijk voor de dossierkwaliteit en werkt binnen beroepsregels, kwaliteitsstelsels en toezicht. Het onderscheid met de controller is dat de accountant een oordeel geeft van buiten de onderneming en zich niet met de dagelijkse besturing bezighoudt. De selectie loopt in de praktijk vast op technische verslaggevingskennis als hoofdcriterium, terwijl de functie staat of valt bij het vasthouden aan een standpunt tegenover een klant die commercieel belangrijk is.

Kerncijfers van dit profiel

26 skills · 6 te meten competenties · 5 knockout-skills · zwaartepunt: Vakinhoudelijke kennisdomeinen 22%, Cognitief vermogen en probleemoplossing 21%, Bedrijfsvoering, commercie en ondernemen 21%

1 Te meten competenties

Dit zijn de gedrags- en capaciteitsconstructen in dit profiel. Per competentie staat erbij met welke hrmforce-vragenlijst je die meet.

Te meten competenties Streefniveau hrmforce instrument Meetmethode Gedragsanker op streefniveau
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Competentie (50-framework): Nauwkeurigheid
N5 Big Fifty, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
onafhankelijkheid
Competentie (50-framework): Onafhankelijkheid
N5 Big Fifty, 15PF Persoonlijkheidsvragenlijst Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
Numeriek redeneren N5 Ability Scan Cognitieve capaciteitentest Doorziet in complexe cijferreeksen welke aannames de uitkomst bepalen en stelt de rekenlogica vast die anderen in de organisatie volgen.
integriteit en betrouwbaarheid
Competentie (50-framework): Integriteit
N5 Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview Persoonlijkheidsvragenlijst Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
Discipline en afspraken nakomen
Competentie (50-framework): Discipline
N4 Big Fifty, 15PF, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.
Omgaan met werkdruk
Competentie (50-framework): Stressbestendigheid
N4 Big Fifty, Competency Check, Pulse Survey Structureerd interview Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.

2 Volledig skillprofiel

Alle skills van dit profiel, op gewicht gesorteerd. Het gedragsanker onder elke skill hoort bij het streefniveau.

T Skill Streefniveau Gewicht Knockout Meetmethode hrmforce instrument
V Cijfermatig interpreteren
Bepaalt welke kengetallen de organisatie sturen, toont de valkuilen in de meting aan en corrigeert onjuist gebruik van cijfers.
N5 5 ja Werkproef Ability Scan, Werkproef
G Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
N5 5 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 360 Feedback
G onafhankelijkheid
Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
N5 5 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF
V Financiële administratie
Ontwerpt de inrichting van de administratie en het rekeningschema en stelt richtlijnen voor verwerking en controle vast.
N5 5 ja Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
V Jaarrekening opstellen
Bepaalt het verslaggevingsbeleid van de organisatie, beslist over complexe waarderingsvraagstukken en verdedigt die bij toezichthouders.
N5 5 ja Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Portfolio
V Audit en interne controle
Stelt zelfstandig een controleaanpak op bij een risicovol proces, weegt het bewijs en formuleert onderbouwde bevindingen.
N4 5 ja Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
A Numeriek redeneren
Doorziet in complexe cijferreeksen welke aannames de uitkomst bepalen en stelt de rekenlogica vast die anderen in de organisatie volgen.
N5 4 nee Cognitieve capaciteitentest Ability Scan
G integriteit en betrouwbaarheid
Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview
T Spreadsheets en rekenbladen
Stelt de standaarden vast voor rekenmodellen in de organisatie en beoordeelt of modellen betrouwbaar genoeg zijn voor besluitvorming.
N5 4 ja Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
K Financiële rapportage lezen en interpreteren
Beoordeelt jaarrekeningen en managementrapportages van de organisatie, stelt de rapportagestandaard vast en adviseert de raad daarover.
N5 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
K Sectorregelgeving naleven
Volgt regelgeving voor de hele organisatie, stelt beleid op bij nieuwe eisen en voert het gesprek met de toezichthouder.
N5 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Zakelijk rapporteren
Bouwt een rapport op van vraag naar conclusie, scheidt feit van interpretatie en formuleert aanbevelingen met een eigenaar.
N4 4 nee Werkproef Werkproef, Competency Check
V Adviesvaardigheid
Herformuleert de vraag achter de vraag, biedt twee onderbouwde opties met gevolgen en spreekt een besluitmoment af.
N4 4 nee Assessment center Competency Check, Structureerd interview
V Probleemanalyse
Splitst een terugkerende klacht in mogelijke oorzaken, toetst die met eigen gegevens en benoemt de meest waarschijnlijke oorzaak.
N4 3 nee Assessment center Competency Check, Ability Scan
V Methodisch werken
Kiest zelf een passende werkwijze bij een nieuwe taak, legt de stappen vast en houdt zich daaraan onder tijdsdruk.
N4 3 nee Praktijkobservatie Competency Check, Werkproef
V Risicomanagement
Stelt een risicolijst op met kans, gevolg en maatregel per risico en bespreekt die periodiek met betrokkenen.
N4 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Competency Check
G Discipline en afspraken nakomen
Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.
N4 3 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF, 360 Feedback
V Rapporteren en dashboards bouwen
Ontwerpt een dashboard met de gebruiker, kiest de indicatoren en definities en verwerkt gebruikersfeedback in nieuwe versies.
N4 3 nee Werkproef Werkproef, Portfolio
V Business case en investeringsanalyse
Bouwt zelf een business case met scenario's, maakt de aannames expliciet en verdedigt de uitkomst in het overleg.
N4 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
V Facturatie en debiteurenbeheer
Beheert de openstaande posten, belt achterstanden na en maakt betalingsregelingen binnen het vastgestelde beleid.
N4 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
K Fiscale basiskennis toepassen
Stelt de periodieke aangifte omzetbelasting op, controleert de aansluiting met de administratie en corrigeert onjuiste boekingen.
N4 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
K Wetgevingstoepassing
Beoordeelt zelfstandig een aanvraag met uitzonderingssituaties, weegt de beleidsvrijheid af en motiveert het besluit navolgbaar.
N4 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Budgetteren en kostenbeheersing
Maakt de begroting voor een eigen project, volgt de realisatie per periode en stelt maatregelen voor bij afwijking.
N3 3 nee Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Controlling en managementinformatie
Analyseert zelfstandig budgetafwijkingen, herleidt die tot operationele oorzaken en adviseert de manager over bijstelling.
N3 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
G Omgaan met werkdruk
Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.
N4 2 nee Structureerd interview Big Fifty, Competency Check, Pulse Survey
V Procesautomatisering
Beschrijft een proces in stappen, automatiseert de herhaalbare stappen en bouwt controles in op fouten en uitzonderingen.
N3 2 nee Werkproef Werkproef, Portfolio

3 Niveaus per senioriteit

Hetzelfde profiel, met de senioriteitsbijstelling van de functiefamilie toegepast. De streefniveaus zijn begrensd op 1 tot 5.

Skill seniorlead
Cijfermatig interpreteren N5N5
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail N5N5
onafhankelijkheid N5N5
Financiële administratie N5N5
Jaarrekening opstellen N5N5
Audit en interne controle N4N4
Numeriek redeneren N5N5
integriteit en betrouwbaarheid N5N5
Spreadsheets en rekenbladen N5N5
Financiële rapportage lezen en interpreteren N5N5
Sectorregelgeving naleven N5N5
Zakelijk rapporteren N4N4
Adviesvaardigheid N4N4
Probleemanalyse N4N4
Methodisch werken N4N4
Risicomanagement N4N4
Discipline en afspraken nakomen N4N4
Rapporteren en dashboards bouwen N4N4
Business case en investeringsanalyse N4N4
Facturatie en debiteurenbeheer N4N4
Fiscale basiskennis toepassen N4N4
Wetgevingstoepassing N4N4
Budgetteren en kostenbeheersing N3N3
Controlling en managementinformatie N3N3
Omgaan met werkdruk N4N4
Procesautomatisering N3N3

4 De niveauschaal

NiveauLabel AutonomieComplexiteit BereikKennisdiepte
N1Begeleid werkt onder toezicht en volgt instructieroutinematig, een variabele tegelijkeigen taakbasisbegrip, kent de termen
N2Toepassend werkt zelfstandig binnen vastgestelde kadersbekende situaties met beperkte variatieeigen rolwerkkennis, past standaardaanpak toe
N3Zelfstandig stelt de eigen aanpak vast en vraagt zelf om inputmeerdere variabelen, enige ambiguiteiteigen team of procesgrondige kennis, weegt alternatieven
N4Sturend geeft anderen richting en beslist over de aanpakcomplex, met tegenstrijdige belangenmeerdere teams of een afdelingdiepgaande kennis, adviseert anderen
N5Toonaangevend zet de standaard en het beleidstrategisch, met hoge onzekerheidorganisatie, keten of vakgebiedautoriteit, ontwikkelt het vakgebied

5 Gedragsankers per skill

Ankers staan op N1, N3 en N5. N2 en N4 zijn bewust niet geankerd: beoordelaars plaatsen die daartussen, conform de O*NET-conventie.

SkillN1N3N5
Cijfermatig interpreteren
Legt uit wat cijfers, grafieken en kengetallen betekenen voor de vraag die op tafel ligt en benoemt wat ze niet aantonen.
Leest een standaardrapportage en benoemt welke waarden boven of onder de afgesproken norm liggen.Vertaalt maandcijfers naar drie concrete bevindingen, benoemt de meetonzekerheid en waarschuwt bij te kleine aantallen.Bepaalt welke kengetallen de organisatie sturen, toont de valkuilen in de meting aan en corrigeert onjuist gebruik van cijfers.
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Werkt zorgvuldig, controleert het eigen werk op fouten en houdt zich aan afspraken over volledigheid en juistheid van gegevens.
Loopt het eigen werk na met een checklist en herstelt gevonden fouten voordat het werk wordt doorgegeven.Bouwt in het eigen proces controlemomenten in, houdt fouten bij en voorkomt herhaling door de werkwijze aan te passen.Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
onafhankelijkheid
Een eigen standpunt bepalen en handhaven op basis van eigen afweging, ook wanneer de omgeving of een autoriteit iets anders verwacht.
Vormt bij een bekend vraagstuk een eigen mening en legt die naast het advies van een collega.Neemt een besluit dat afwijkt van de groepslijn, legt de eigen afweging uit en aanvaardt de gevolgen.Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
Financiële administratie
Verwerkt inkoop-, verkoop- en bankmutaties in het boekhoudsysteem, sluit grootboekrekeningen aan en levert een controleerbare administratie op.
Boekt onder toezicht inkoopfacturen op de juiste grootboekrekening en legt onduidelijke posten voor aan de administrateur.Sluit zelfstandig de maandadministratie af, verklaart verschillen tussen subadministratie en grootboek en herstelt onjuiste boekingen.Ontwerpt de inrichting van de administratie en het rekeningschema en stelt richtlijnen voor verwerking en controle vast.
Jaarrekening opstellen
Stelt de jaarrekening op met balans, resultatenrekening en toelichting volgens verslaggevingsregels en onderbouwt waarderingen en voorzieningen.
Verzamelt onder begeleiding de onderbouwing bij balansposten en verwerkt de aangeleverde correctieboekingen.Stelt zelfstandig de jaarrekening van een middelgrote entiteit op en verantwoordt waarderingskeuzes tegenover de accountant.Bepaalt het verslaggevingsbeleid van de organisatie, beslist over complexe waarderingsvraagstukken en verdedigt die bij toezichthouders.
Audit en interne controle
Toetst of processen en vastleggingen voldoen aan regels en interne beheersing, verzamelt bewijs en rapporteert bevindingen met aanbevelingen.
Voert onder toezicht controlestappen uit volgens werkprogramma en legt het gevonden bewijs geordend vast.Stelt zelfstandig een controleaanpak op bij een risicovol proces, weegt het bewijs en formuleert onderbouwde bevindingen.Bepaalt het auditjaarplan en de beheersingsnormen van de organisatie en verantwoordt de uitkomsten aan bestuur of raad.
Numeriek redeneren
Werkt met getallen, verhoudingen en tabellen en leidt daaruit conclusies af over hoeveelheden, trends en verbanden in cijfermateriaal.
Leest een eenvoudige tabel, benoemt de hoogste en laagste waarde en rekent een percentage uit met een rekenmachine.Combineert twee gegevensbronnen, berekent de ontwikkeling over tijd en legt uit welke rekenstap tot welk resultaat leidt.Doorziet in complexe cijferreeksen welke aannames de uitkomst bepalen en stelt de rekenlogica vast die anderen in de organisatie volgen.
integriteit en betrouwbaarheid
Handelen volgens geldende normen en afspraken, ook zonder toezicht, en transparant zijn over eigen belangen, gemaakte fouten en twijfelgevallen.
Houdt zich aan gemaakte afspraken en gedragsregels en meldt een eigen fout bij de leidinggevende.Meldt uit eigen beweging een mogelijke belangenverstrengeling en vraagt om toetsing voordat er een besluit wordt genomen.Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
Spreadsheets en rekenbladen
Bouwt rekenbladen met formules, verwijzingen en draaitabellen, controleert uitkomsten en presenteert getallen begrijpelijk in tabellen en grafieken.
Vult gegevens in een bestaand rekenblad in en gebruikt eenvoudige formules zoals som en gemiddelde volgens instructie.Bouwt een rekenblad met gekoppelde formules en draaitabellen, controleert op fouten en legt de rekenlogica uit aan collega's.Stelt de standaarden vast voor rekenmodellen in de organisatie en beoordeelt of modellen betrouwbaar genoeg zijn voor besluitvorming.
Financiële rapportage lezen en interpreteren
Leest balans, winst en verliesrekening en kasstroomoverzicht en leidt daaruit af hoe een organisatie of onderdeel er financieel voor staat.
Wijst in een periodieke rapportage de posten omzet, kosten en resultaat aan en benoemt de gebruikte periode.Vergelijkt rapportages over meerdere perioden, berekent kengetallen en benoemt welke posten de afwijking verklaren.Beoordeelt jaarrekeningen en managementrapportages van de organisatie, stelt de rapportagestandaard vast en adviseert de raad daarover.
Sectorregelgeving naleven
Kent de wetten, normen en toezichteisen van de eigen sector en richt het eigen werk en de vastlegging daarop in.
Werkt volgens de geldende sectorvoorschriften en vraagt na welke regel bij een nieuwe situatie hoort.Vertaalt gewijzigde regelgeving naar de eigen werkinstructies en controleert of de vastlegging aan de eisen voldoet.Volgt regelgeving voor de hele organisatie, stelt beleid op bij nieuwe eisen en voert het gesprek met de toezichthouder.
Zakelijk rapporteren
Bevindingen, cijfers en aanbevelingen bundelen in een rapport dat de lezer in één keer tot een besluit of vervolgstap brengt.
Vult een bestaand rapportsjabloon in met de juiste cijfers en beschrijft per onderdeel wat is gedaan.Bouwt een rapport op van vraag naar conclusie, scheidt feit van interpretatie en formuleert aanbevelingen met een eigenaar.Bepaalt de rapportagelijn voor de hele organisatie, toetst de kwaliteit van sturingsinformatie en verantwoordt uitkomsten richting bestuur en toezichthouder.
Adviesvaardigheid
Een vraagstuk van een opdrachtgever scherp krijgen en een onderbouwd advies zo brengen dat de ontvanger het overneemt en uitvoert.
Levert gevraagde informatie aan en licht een standaardadvies toe volgens de vaste opbouw van het team.Herformuleert de vraag achter de vraag, biedt twee onderbouwde opties met gevolgen en spreekt een besluitmoment af.Adviseert het bestuur bij vraagstukken met tegenstrijdige belangen, weerspreekt gevestigde aannames en bewaakt de kwaliteit van adviezen in de organisatie.
Probleemanalyse
Ontleedt een vraagstuk in onderdelen, scheidt oorzaken van gevolgen en benoemt welke informatie nodig is om verder te komen.
Benoemt bij een storing wat er precies afwijkt en welke gegevens ontbreken, en legt dit voor aan de begeleider.Splitst een terugkerende klacht in mogelijke oorzaken, toetst die met eigen gegevens en benoemt de meest waarschijnlijke oorzaak.Herleidt hardnekkige organisatieproblemen tot een klein aantal grondoorzaken en legt de analysemethode vast die andere teams gaan gebruiken.
Methodisch werken
Volgt bij taken een vaste en navolgbare werkwijze met stappen, vastlegging en controle, zodat anderen het werk kunnen herhalen.
Werkt de stappen van een voorgeschreven procedure in de juiste volgorde af en legt het resultaat vast.Kiest zelf een passende werkwijze bij een nieuwe taak, legt de stappen vast en houdt zich daaraan onder tijdsdruk.Schrijft de werkwijzen voor het vakgebied, laat ze toetsen in de praktijk en herziet ze op vaste momenten.
Risicomanagement
Risico's in werk, projecten of beleid benoemen, op kans en gevolg wegen, beheersmaatregelen kiezen en periodiek toetsen of die maatregelen werken.
Meldt onveilige of risicovolle situaties in het eigen werk volgens de afgesproken meldroute.Stelt een risicolijst op met kans, gevolg en maatregel per risico en bespreekt die periodiek met betrokkenen.Bouwt het risicoraamwerk van de organisatie, bepaalt de risicobereidheid met de directie en rapporteert hierover aan de toezichthouder.
Discipline en afspraken nakomen
Houdt zich aan gemaakte afspraken, procedures en toezeggingen, ook zonder controle, en meldt tijdig wanneer een afspraak niet haalbaar blijkt.
Komt op de afgesproken tijd met het afgesproken werk en meldt vertraging bij de begeleider.Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.Legt de norm voor betrouwbaar nakomen vast in werkafspraken en spreekt op elk niveau aan wie die norm structureel laat lopen.
Rapporteren en dashboards bouwen
Bouwt terugkerende rapportages en dashboards die de juiste indicatoren tonen voor een afgesproken doelgroep en houdt de definities ervan actueel.
Vult een bestaand dashboard of rapportsjabloon met actuele cijfers en controleert de weergave op fouten.Ontwerpt een dashboard met de gebruiker, kiest de indicatoren en definities en verwerkt gebruikersfeedback in nieuwe versies.Bepaalt welke stuurinformatie de organisatie hanteert en zorgt dat definities over alle rapportages heen eenduidig blijven.
Business case en investeringsanalyse
Onderbouwt een voorstel met kosten, opbrengsten, aannames en risico's en rekent terugverdientijd en rendement door voor de besluitvormers.
Vult een standaardsjabloon voor een business case met aangeleverde cijfers en benoemt welke gegevens nog ontbreken.Bouwt zelf een business case met scenario's, maakt de aannames expliciet en verdedigt de uitkomst in het overleg.Stelt de rekenregels en drempelwaarden voor investeringen vast en weegt de gehele investeringsportefeuille van de organisatie.
Facturatie en debiteurenbeheer
Maakt en verzendt facturen, volgt openstaande posten op en onderneemt stappen bij te late betaling tot en met overdracht aan incasso.
Maakt facturen aan volgens de opdrachtgegevens en controleert adres, bedrag en betalingstermijn voor verzending.Beheert de openstaande posten, belt achterstanden na en maakt betalingsregelingen binnen het vastgestelde beleid.Stelt het krediet en aanmaanbeleid van de organisatie vast en beslist over afboeken en juridische vervolgstappen.
Fiscale basiskennis toepassen
Kent de hoofdregels van omzetbelasting, loonheffing en vennootschapsbelasting en past die toe bij facturen, aangiften en eenvoudige fiscale vragen.
Zet het juiste omzetbelastingtarief op een factuur en legt vragen over afwijkende gevallen voor aan de administratie.Stelt de periodieke aangifte omzetbelasting op, controleert de aansluiting met de administratie en corrigeert onjuiste boekingen.Bepaalt de fiscale werkwijze van de organisatie, overlegt met de belastingdienst en adviseert het bestuur over fiscale risico's.
Wetgevingstoepassing
Past wetten, besluiten en beleidsregels toe op individuele gevallen, weegt uitzonderingen en legt de motivering van het besluit vast.
Past bij een standaardgeval de vaste beslisregels toe en legt twijfelgevallen voor aan een ervaren behandelaar.Beoordeelt zelfstandig een aanvraag met uitzonderingssituaties, weegt de beleidsvrijheid af en motiveert het besluit navolgbaar.Stelt beleidsregels en werkinstructies voor de uitvoering vast en beslist over toepassingsvraagstukken met precedentwerking.
Budgetteren en kostenbeheersing
Stelt een begroting op voor taak, team of project, houdt uitgaven bij tegen die begroting en grijpt in bij dreigende overschrijding.
Houdt uitgaven bij in het aangeleverde overzicht en meldt afwijkingen boven de afgesproken grens.Maakt de begroting voor een eigen project, volgt de realisatie per periode en stelt maatregelen voor bij afwijking.Stelt het begrotingskader voor de organisatie vast, beslist over herallocatie van middelen en verantwoordt dat aan het bestuur.
Controlling en managementinformatie
Maakt budgetten, prognoses en rapportages, analyseert verschillen tussen begroting en realisatie en verklaart die aan het management.
Vult onder begeleiding de rapportage met cijfers uit het systeem en controleert of de totalen aansluiten.Analyseert zelfstandig budgetafwijkingen, herleidt die tot operationele oorzaken en adviseert de manager over bijstelling.Bepaalt de sturingsinformatie van de organisatie, ontwikkelt het planning- en controlinstrumentarium en toetst investeringsvoorstellen op houdbaarheid.
Omgaan met werkdruk
Houdt bij een oplopende hoeveelheid werk het overzicht, maakt keuzes in wat wel en niet doorgaat en legt de gevolgen van die keuzes voor.
Geeft aan de begeleider door dat het werk niet binnen de tijd past en volgt de gemaakte keuze.Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.Herverdeelt werk en capaciteit over afdelingen bij structurele overbelasting en stelt normen vast voor houdbare werkverdeling.
Procesautomatisering
Analyseert een terugkerend werkproces, bouwt of laat bouwen dat stappen automatisch verlopen en controleert of de uitkomst betrouwbaar blijft.
Voert een bestaande automatisering uit en meldt wanneer de uitkomst afwijkt van wat verwacht werd.Beschrijft een proces in stappen, automatiseert de herhaalbare stappen en bouwt controles in op fouten en uitzonderingen.Bepaalt de automatiseringsagenda van de organisatie en beslist welke processen wel en niet worden geautomatiseerd.

6 Meetmethoden en validiteit

De validiteiten zijn de gecorrigeerde meta-analytische schattingen van Sackett, Zhang, Berry en Lievens (2022) in het Journal of Applied Psychology. Die vervangen de oudere cijfers van Schmidt en Hunter (1998). De spreiding is even belangrijk als het gemiddelde: bij een hoge SD varieert de validiteit sterk per context.

MeetmethoderhoSDWat het is
Werkproef 0.33 0.09 De kandidaat voert een representatief werkfragment uit onder gestandaardiseerde condities.
Persoonlijkheidsvragenlijst 0.40 0.15 Zelfrapportage van gedragsvoorkeuren. Bij hrmforce de Big Fifty en de 15PF.
Kennistoets 0.40 0.13 Toets van declaratieve vakkennis, meestal klantspecifiek samengesteld.
Cognitieve capaciteitentest 0.41 0.14 Gestandaardiseerde test van verbaal, numeriek of abstract redeneervermogen.
Assessment center 0.29 0.09 Meerdere oefeningen, meerdere beoordelaars, dimensiegewijze scoring.
Praktijkobservatie - - Gestructureerde observatie op de werkplek met een formulier op basis van gedragsankers.
Structureerd interview 0.42 0.19 Gedragsgericht interview met vaste vragen en een beoordelingsschaal per vraag.

7 Meetinstrumenten voor deze functie

hrmforce instrumentSkillsWat het meet
Kennistoets (klantspecifiek)13Toets van vakkennis, per klant samengesteld
Werkproef12Representatief werkfragment onder gestandaardiseerde condities
Competency Check6Competentiebeoordeling op gedragsniveau
Big Fifty4Persoonlijkheidsvragenlijst, 150 items, 25 factoren
Ability Scan3Capaciteitentest: verbaal, numeriek en abstract redeneervermogen
360 Feedback3Meervoudige beoordeling op gedragsankers
Portfolio3Beoordeling van eerder werk tegen vaste criteria
15PF2Persoonlijkheidsprofiel, korter alternatief voor de Big Fifty
Structureerd interview2Gedragsgericht interview met vaste opzet
Big Fifty (schaal Integriteit)1
Pulse Survey1Periodieke meting op team- en organisatieniveau

8 Hoe je dit profiel gebruikt

  1. Stel het profiel vast met de leidinggevende voordat de eerste kandidaat wordt gemeten. Gewichten die je achteraf verschuift, maken de uitkomst onverdedigbaar.
  2. Kies per skill de meetmethode uit kolom Meetmethode. Combineer maximaal drie methoden per kandidaat.
  3. Kalibreer de beoordelaars in een sessie van twee uur met de gedragsankers uit hoofdstuk 5. Ankers zonder beoordelaarstraining leveren weinig op.
  4. Vul de matchcalculator en bespreek de gaps in het ontwikkelgesprek. Type A en type G zijn selectiecriteria, geen ontwikkeldoelen van een kwartaal.

Bron: hrmforce Skills Framework 2.0, versie 2.0.0, gebouwd op 2026-09-08. Crosswalks naar ESCO v1.2.1, O*NET 31.0, Lightcast Open Skills, SFIA 9, DigComp 3.0, EntreComp, LifeComp, GreenComp, AILit, WEF Future of Jobs 2025, ISCO-08 en de Beroepenindeling ROA-CBS 2014 editie 2025. Dit profiel is een startpunt, geen norm: stem het af op de eigen organisatie voordat je ermee selecteert.

hrmforce · hrmforce.com · FN0504