hrmforce
hrmforce Skills Framework 2.0
Volledig functieprofiel
FN0505 · versie 2.0.0 · 2026-09-08

Controller

FF05 Finance, control en administratie · ISCO-08 2411 · CBS 0412 Financieel specialisten en economen · senioriteit medior · Ook bekend als: Bedrijfscontroller, Controller finance, Medior controller, Controller mkb, Finance controller

Zet de financiele administratie om in periodieke rapportages, budgetten en analyses en adviseert het management over kosten, marges en bijsturing.

De controller staat tussen de administratie en het management en is verantwoordelijk voor de maandrapportage, de begroting en de analyse van afwijkingen. Anders dan de boekhouder registreert deze functie niet maar verklaart en adviseert hij, wat een andere set vaardigheden vraagt. De selectie gaat vaak mis doordat op technische boekhoudkennis wordt geselecteerd, terwijl de functie staat of valt met adviesvaardigheid en het durven innemen van een positie tegenover een manager die zijn cijfers niet wil bijstellen.

Kerncijfers van dit profiel

27 skills · 6 te meten competenties · 5 knockout-skills · zwaartepunt: Cognitief vermogen en probleemoplossing 21%, Bedrijfsvoering, commercie en ondernemen 19%, Vakinhoudelijke kennisdomeinen 19%

1 Te meten competenties

Dit zijn de gedrags- en capaciteitsconstructen in dit profiel. Per competentie staat erbij met welke hrmforce-vragenlijst je die meet.

Te meten competenties Streefniveau hrmforce instrument Meetmethode Gedragsanker op streefniveau
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Competentie (50-framework): Nauwkeurigheid
N4 Big Fifty, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Bouwt in het eigen proces controlemomenten in, houdt fouten bij en voorkomt herhaling door de werkwijze aan te passen.
Numeriek redeneren N4 Ability Scan Cognitieve capaciteitentest Combineert twee gegevensbronnen, berekent de ontwikkeling over tijd en legt uit welke rekenstap tot welk resultaat leidt.
assertiviteit
Competentie (50-framework): Assertiviteit
N4 Big Fifty, Kleurenprofiel (Jung), 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Brengt in een teamoverleg een afwijkende mening in, onderbouwt die en houdt vast wanneer anderen tegenwerpingen maken.
integriteit en betrouwbaarheid
Competentie (50-framework): Integriteit
N4 Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview Persoonlijkheidsvragenlijst Meldt uit eigen beweging een mogelijke belangenverstrengeling en vraagt om toetsing voordat er een besluit wordt genomen.
Discipline en afspraken nakomen
Competentie (50-framework): Discipline
N3 Big Fifty, 15PF, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.
Omgaan met werkdruk
Competentie (50-framework): Stressbestendigheid
N3 Big Fifty, Competency Check, Pulse Survey Structureerd interview Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.

2 Volledig skillprofiel

Alle skills van dit profiel, op gewicht gesorteerd. Het gedragsanker onder elke skill hoort bij het streefniveau.

T Skill Streefniveau Gewicht Knockout Meetmethode hrmforce instrument
V Cijfermatig interpreteren
Vertaalt maandcijfers naar drie concrete bevindingen, benoemt de meetonzekerheid en waarschuwt bij te kleine aantallen.
N4 5 ja Werkproef Ability Scan, Werkproef
G Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Bouwt in het eigen proces controlemomenten in, houdt fouten bij en voorkomt herhaling door de werkwijze aan te passen.
N4 5 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 360 Feedback
V Budgetteren en kostenbeheersing
Maakt de begroting voor een eigen project, volgt de realisatie per periode en stelt maatregelen voor bij afwijking.
N4 5 ja Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Financiële administratie
Sluit zelfstandig de maandadministratie af, verklaart verschillen tussen subadministratie en grootboek en herstelt onjuiste boekingen.
N4 5 ja Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
V Controlling en managementinformatie
Analyseert zelfstandig budgetafwijkingen, herleidt die tot operationele oorzaken en adviseert de manager over bijstelling.
N4 5 ja Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
A Numeriek redeneren
Combineert twee gegevensbronnen, berekent de ontwikkeling over tijd en legt uit welke rekenstap tot welk resultaat leidt.
N4 4 nee Cognitieve capaciteitentest Ability Scan
V Adviesvaardigheid
Herformuleert de vraag achter de vraag, biedt twee onderbouwde opties met gevolgen en spreekt een besluitmoment af.
N4 4 nee Assessment center Competency Check, Structureerd interview
G assertiviteit
Brengt in een teamoverleg een afwijkende mening in, onderbouwt die en houdt vast wanneer anderen tegenwerpingen maken.
N4 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, Kleurenprofiel (Jung), 360 Feedback
G integriteit en betrouwbaarheid
Meldt uit eigen beweging een mogelijke belangenverstrengeling en vraagt om toetsing voordat er een besluit wordt genomen.
N4 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview
T Spreadsheets en rekenbladen
Bouwt een rekenblad met gekoppelde formules en draaitabellen, controleert op fouten en legt de rekenlogica uit aan collega's.
N4 4 ja Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Rapporteren en dashboards bouwen
Ontwerpt een dashboard met de gebruiker, kiest de indicatoren en definities en verwerkt gebruikersfeedback in nieuwe versies.
N4 4 nee Werkproef Werkproef, Portfolio
K Financiële rapportage lezen en interpreteren
Vergelijkt rapportages over meerdere perioden, berekent kengetallen en benoemt welke posten de afwijking verklaren.
N4 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Zakelijk rapporteren
Bouwt een rapport op van vraag naar conclusie, scheidt feit van interpretatie en formuleert aanbevelingen met een eigenaar.
N3 4 nee Werkproef Werkproef, Competency Check
V Jaarrekening opstellen
Stelt zelfstandig de jaarrekening van een middelgrote entiteit op en verantwoordt waarderingskeuzes tegenover de accountant.
N3 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Portfolio
V Probleemanalyse
Splitst een terugkerende klacht in mogelijke oorzaken, toetst die met eigen gegevens en benoemt de meest waarschijnlijke oorzaak.
N3 3 nee Assessment center Competency Check, Ability Scan
V Methodisch werken
Kiest zelf een passende werkwijze bij een nieuwe taak, legt de stappen vast en houdt zich daaraan onder tijdsdruk.
N3 3 nee Praktijkobservatie Competency Check, Werkproef
V Risicomanagement
Stelt een risicolijst op met kans, gevolg en maatregel per risico en bespreekt die periodiek met betrokkenen.
N3 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Competency Check
V Budget en financiële verantwoording
Stelt de teambegroting op, verklaart maandelijkse afwijkingen met cijfers en stelt bij om binnen het jaarbudget te blijven.
N3 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
G Discipline en afspraken nakomen
Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.
N3 3 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF, 360 Feedback
V Data-analyse
Kiest zelf analysemethoden bij een open vraag, bewerkt ruwe gegevens tot een werkbestand en onderbouwt elke conclusie met cijfers.
N3 3 nee Werkproef Ability Scan, Werkproef
V Business case en investeringsanalyse
Bouwt zelf een business case met scenario's, maakt de aannames expliciet en verdedigt de uitkomst in het overleg.
N3 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
V Facturatie en debiteurenbeheer
Beheert de openstaande posten, belt achterstanden na en maakt betalingsregelingen binnen het vastgestelde beleid.
N3 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
K Fiscale basiskennis toepassen
Stelt de periodieke aangifte omzetbelasting op, controleert de aansluiting met de administratie en corrigeert onjuiste boekingen.
N3 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Audit en interne controle
Stelt zelfstandig een controleaanpak op bij een risicovol proces, weegt het bewijs en formuleert onderbouwde bevindingen.
N3 3 nee Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
G Omgaan met werkdruk
Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.
N3 2 nee Structureerd interview Big Fifty, Competency Check, Pulse Survey
V Procesautomatisering
Voert een bestaande automatisering uit en meldt wanneer de uitkomst afwijkt van wat verwacht werd.
N2 2 nee Werkproef Werkproef, Portfolio
K Treasury en werkkapitaalbeheer
Stelt onder begeleiding het dagelijkse liquiditeitsoverzicht op en signaleert betalingen die de beschikbare ruimte overschrijden.
N2 1 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)

3 Niveaus per senioriteit

Hetzelfde profiel, met de senioriteitsbijstelling van de functiefamilie toegepast. De streefniveaus zijn begrensd op 1 tot 5.

Skill mediorsenior
Cijfermatig interpreteren N4N5
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail N4N5
Budgetteren en kostenbeheersing N4N4
Financiële administratie N4N5
Controlling en managementinformatie N4N4
Numeriek redeneren N4N5
Adviesvaardigheid N4N4
assertiviteit N4N5
integriteit en betrouwbaarheid N4N5
Spreadsheets en rekenbladen N4N5
Rapporteren en dashboards bouwen N4N4
Financiële rapportage lezen en interpreteren N4N5
Zakelijk rapporteren N3N4
Jaarrekening opstellen N3N4
Probleemanalyse N3N4
Methodisch werken N3N4
Risicomanagement N3N4
Budget en financiële verantwoording N3N4
Discipline en afspraken nakomen N3N4
Data-analyse N3N4
Business case en investeringsanalyse N3N4
Facturatie en debiteurenbeheer N3N4
Fiscale basiskennis toepassen N3N4
Audit en interne controle N3N4
Omgaan met werkdruk N3N4
Procesautomatisering N2N3
Treasury en werkkapitaalbeheer N2N3

4 De niveauschaal

NiveauLabel AutonomieComplexiteit BereikKennisdiepte
N1Begeleid werkt onder toezicht en volgt instructieroutinematig, een variabele tegelijkeigen taakbasisbegrip, kent de termen
N2Toepassend werkt zelfstandig binnen vastgestelde kadersbekende situaties met beperkte variatieeigen rolwerkkennis, past standaardaanpak toe
N3Zelfstandig stelt de eigen aanpak vast en vraagt zelf om inputmeerdere variabelen, enige ambiguiteiteigen team of procesgrondige kennis, weegt alternatieven
N4Sturend geeft anderen richting en beslist over de aanpakcomplex, met tegenstrijdige belangenmeerdere teams of een afdelingdiepgaande kennis, adviseert anderen
N5Toonaangevend zet de standaard en het beleidstrategisch, met hoge onzekerheidorganisatie, keten of vakgebiedautoriteit, ontwikkelt het vakgebied

5 Gedragsankers per skill

Ankers staan op N1, N3 en N5. N2 en N4 zijn bewust niet geankerd: beoordelaars plaatsen die daartussen, conform de O*NET-conventie.

SkillN1N3N5
Cijfermatig interpreteren
Legt uit wat cijfers, grafieken en kengetallen betekenen voor de vraag die op tafel ligt en benoemt wat ze niet aantonen.
Leest een standaardrapportage en benoemt welke waarden boven of onder de afgesproken norm liggen.Vertaalt maandcijfers naar drie concrete bevindingen, benoemt de meetonzekerheid en waarschuwt bij te kleine aantallen.Bepaalt welke kengetallen de organisatie sturen, toont de valkuilen in de meting aan en corrigeert onjuist gebruik van cijfers.
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Werkt zorgvuldig, controleert het eigen werk op fouten en houdt zich aan afspraken over volledigheid en juistheid van gegevens.
Loopt het eigen werk na met een checklist en herstelt gevonden fouten voordat het werk wordt doorgegeven.Bouwt in het eigen proces controlemomenten in, houdt fouten bij en voorkomt herhaling door de werkwijze aan te passen.Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
Budgetteren en kostenbeheersing
Stelt een begroting op voor taak, team of project, houdt uitgaven bij tegen die begroting en grijpt in bij dreigende overschrijding.
Houdt uitgaven bij in het aangeleverde overzicht en meldt afwijkingen boven de afgesproken grens.Maakt de begroting voor een eigen project, volgt de realisatie per periode en stelt maatregelen voor bij afwijking.Stelt het begrotingskader voor de organisatie vast, beslist over herallocatie van middelen en verantwoordt dat aan het bestuur.
Financiële administratie
Verwerkt inkoop-, verkoop- en bankmutaties in het boekhoudsysteem, sluit grootboekrekeningen aan en levert een controleerbare administratie op.
Boekt onder toezicht inkoopfacturen op de juiste grootboekrekening en legt onduidelijke posten voor aan de administrateur.Sluit zelfstandig de maandadministratie af, verklaart verschillen tussen subadministratie en grootboek en herstelt onjuiste boekingen.Ontwerpt de inrichting van de administratie en het rekeningschema en stelt richtlijnen voor verwerking en controle vast.
Controlling en managementinformatie
Maakt budgetten, prognoses en rapportages, analyseert verschillen tussen begroting en realisatie en verklaart die aan het management.
Vult onder begeleiding de rapportage met cijfers uit het systeem en controleert of de totalen aansluiten.Analyseert zelfstandig budgetafwijkingen, herleidt die tot operationele oorzaken en adviseert de manager over bijstelling.Bepaalt de sturingsinformatie van de organisatie, ontwikkelt het planning- en controlinstrumentarium en toetst investeringsvoorstellen op houdbaarheid.
Numeriek redeneren
Werkt met getallen, verhoudingen en tabellen en leidt daaruit conclusies af over hoeveelheden, trends en verbanden in cijfermateriaal.
Leest een eenvoudige tabel, benoemt de hoogste en laagste waarde en rekent een percentage uit met een rekenmachine.Combineert twee gegevensbronnen, berekent de ontwikkeling over tijd en legt uit welke rekenstap tot welk resultaat leidt.Doorziet in complexe cijferreeksen welke aannames de uitkomst bepalen en stelt de rekenlogica vast die anderen in de organisatie volgen.
Adviesvaardigheid
Een vraagstuk van een opdrachtgever scherp krijgen en een onderbouwd advies zo brengen dat de ontvanger het overneemt en uitvoert.
Levert gevraagde informatie aan en licht een standaardadvies toe volgens de vaste opbouw van het team.Herformuleert de vraag achter de vraag, biedt twee onderbouwde opties met gevolgen en spreekt een besluitmoment af.Adviseert het bestuur bij vraagstukken met tegenstrijdige belangen, weerspreekt gevestigde aannames en bewaakt de kwaliteit van adviezen in de organisatie.
assertiviteit
Eigen mening, wens of grens duidelijk uitspreken in aanwezigheid van anderen, zonder de ander te overrulen en zonder het onderwerp te vermijden.
Geeft in een gesprek met een persoon aan wat nodig is om het eigen werk af te maken.Brengt in een teamoverleg een afwijkende mening in, onderbouwt die en houdt vast wanneer anderen tegenwerpingen maken.Spreekt in overleggen met hoger management een impopulair standpunt uit, onderbouwt dat met feiten en blijft open voor tegenspraak.
integriteit en betrouwbaarheid
Handelen volgens geldende normen en afspraken, ook zonder toezicht, en transparant zijn over eigen belangen, gemaakte fouten en twijfelgevallen.
Houdt zich aan gemaakte afspraken en gedragsregels en meldt een eigen fout bij de leidinggevende.Meldt uit eigen beweging een mogelijke belangenverstrengeling en vraagt om toetsing voordat er een besluit wordt genomen.Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
Spreadsheets en rekenbladen
Bouwt rekenbladen met formules, verwijzingen en draaitabellen, controleert uitkomsten en presenteert getallen begrijpelijk in tabellen en grafieken.
Vult gegevens in een bestaand rekenblad in en gebruikt eenvoudige formules zoals som en gemiddelde volgens instructie.Bouwt een rekenblad met gekoppelde formules en draaitabellen, controleert op fouten en legt de rekenlogica uit aan collega's.Stelt de standaarden vast voor rekenmodellen in de organisatie en beoordeelt of modellen betrouwbaar genoeg zijn voor besluitvorming.
Rapporteren en dashboards bouwen
Bouwt terugkerende rapportages en dashboards die de juiste indicatoren tonen voor een afgesproken doelgroep en houdt de definities ervan actueel.
Vult een bestaand dashboard of rapportsjabloon met actuele cijfers en controleert de weergave op fouten.Ontwerpt een dashboard met de gebruiker, kiest de indicatoren en definities en verwerkt gebruikersfeedback in nieuwe versies.Bepaalt welke stuurinformatie de organisatie hanteert en zorgt dat definities over alle rapportages heen eenduidig blijven.
Financiële rapportage lezen en interpreteren
Leest balans, winst en verliesrekening en kasstroomoverzicht en leidt daaruit af hoe een organisatie of onderdeel er financieel voor staat.
Wijst in een periodieke rapportage de posten omzet, kosten en resultaat aan en benoemt de gebruikte periode.Vergelijkt rapportages over meerdere perioden, berekent kengetallen en benoemt welke posten de afwijking verklaren.Beoordeelt jaarrekeningen en managementrapportages van de organisatie, stelt de rapportagestandaard vast en adviseert de raad daarover.
Zakelijk rapporteren
Bevindingen, cijfers en aanbevelingen bundelen in een rapport dat de lezer in één keer tot een besluit of vervolgstap brengt.
Vult een bestaand rapportsjabloon in met de juiste cijfers en beschrijft per onderdeel wat is gedaan.Bouwt een rapport op van vraag naar conclusie, scheidt feit van interpretatie en formuleert aanbevelingen met een eigenaar.Bepaalt de rapportagelijn voor de hele organisatie, toetst de kwaliteit van sturingsinformatie en verantwoordt uitkomsten richting bestuur en toezichthouder.
Jaarrekening opstellen
Stelt de jaarrekening op met balans, resultatenrekening en toelichting volgens verslaggevingsregels en onderbouwt waarderingen en voorzieningen.
Verzamelt onder begeleiding de onderbouwing bij balansposten en verwerkt de aangeleverde correctieboekingen.Stelt zelfstandig de jaarrekening van een middelgrote entiteit op en verantwoordt waarderingskeuzes tegenover de accountant.Bepaalt het verslaggevingsbeleid van de organisatie, beslist over complexe waarderingsvraagstukken en verdedigt die bij toezichthouders.
Probleemanalyse
Ontleedt een vraagstuk in onderdelen, scheidt oorzaken van gevolgen en benoemt welke informatie nodig is om verder te komen.
Benoemt bij een storing wat er precies afwijkt en welke gegevens ontbreken, en legt dit voor aan de begeleider.Splitst een terugkerende klacht in mogelijke oorzaken, toetst die met eigen gegevens en benoemt de meest waarschijnlijke oorzaak.Herleidt hardnekkige organisatieproblemen tot een klein aantal grondoorzaken en legt de analysemethode vast die andere teams gaan gebruiken.
Methodisch werken
Volgt bij taken een vaste en navolgbare werkwijze met stappen, vastlegging en controle, zodat anderen het werk kunnen herhalen.
Werkt de stappen van een voorgeschreven procedure in de juiste volgorde af en legt het resultaat vast.Kiest zelf een passende werkwijze bij een nieuwe taak, legt de stappen vast en houdt zich daaraan onder tijdsdruk.Schrijft de werkwijzen voor het vakgebied, laat ze toetsen in de praktijk en herziet ze op vaste momenten.
Risicomanagement
Risico's in werk, projecten of beleid benoemen, op kans en gevolg wegen, beheersmaatregelen kiezen en periodiek toetsen of die maatregelen werken.
Meldt onveilige of risicovolle situaties in het eigen werk volgens de afgesproken meldroute.Stelt een risicolijst op met kans, gevolg en maatregel per risico en bespreekt die periodiek met betrokkenen.Bouwt het risicoraamwerk van de organisatie, bepaalt de risicobereidheid met de directie en rapporteert hierover aan de toezichthouder.
Budget en financiële verantwoording
Een budget opstellen, uitgaven volgen tegen begroting, afwijkingen verklaren en financiële keuzes verantwoorden aan opdrachtgever, directie of controller.
Houdt uitgaven binnen een gegeven budget bij en levert bonnen en verantwoording volgens de procedure aan.Stelt de teambegroting op, verklaart maandelijkse afwijkingen met cijfers en stelt bij om binnen het jaarbudget te blijven.Stelt de meerjarenbegroting van de organisatie vast, weegt investeringsvoorstellen en legt verantwoording af in de jaarrekening en aan toezicht.
Discipline en afspraken nakomen
Houdt zich aan gemaakte afspraken, procedures en toezeggingen, ook zonder controle, en meldt tijdig wanneer een afspraak niet haalbaar blijkt.
Komt op de afgesproken tijd met het afgesproken werk en meldt vertraging bij de begeleider.Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.Legt de norm voor betrouwbaar nakomen vast in werkafspraken en spreekt op elk niveau aan wie die norm structureel laat lopen.
Data-analyse
Bewerkt en analyseert gegevensbestanden om patronen, verbanden en afwijkingen te vinden en verbindt de uitkomsten aan de oorspronkelijke vraag.
Voert een vooraf beschreven analysestap uit op een aangeleverd bestand en legt de uitkomst vast in het afgesproken format.Kiest zelf analysemethoden bij een open vraag, bewerkt ruwe gegevens tot een werkbestand en onderbouwt elke conclusie met cijfers.Bepaalt de analysestandaarden van de organisatie, beoordeelt analyses van anderen en zet nieuwe analysemethoden in het vakgebied neer.
Business case en investeringsanalyse
Onderbouwt een voorstel met kosten, opbrengsten, aannames en risico's en rekent terugverdientijd en rendement door voor de besluitvormers.
Vult een standaardsjabloon voor een business case met aangeleverde cijfers en benoemt welke gegevens nog ontbreken.Bouwt zelf een business case met scenario's, maakt de aannames expliciet en verdedigt de uitkomst in het overleg.Stelt de rekenregels en drempelwaarden voor investeringen vast en weegt de gehele investeringsportefeuille van de organisatie.
Facturatie en debiteurenbeheer
Maakt en verzendt facturen, volgt openstaande posten op en onderneemt stappen bij te late betaling tot en met overdracht aan incasso.
Maakt facturen aan volgens de opdrachtgegevens en controleert adres, bedrag en betalingstermijn voor verzending.Beheert de openstaande posten, belt achterstanden na en maakt betalingsregelingen binnen het vastgestelde beleid.Stelt het krediet en aanmaanbeleid van de organisatie vast en beslist over afboeken en juridische vervolgstappen.
Fiscale basiskennis toepassen
Kent de hoofdregels van omzetbelasting, loonheffing en vennootschapsbelasting en past die toe bij facturen, aangiften en eenvoudige fiscale vragen.
Zet het juiste omzetbelastingtarief op een factuur en legt vragen over afwijkende gevallen voor aan de administratie.Stelt de periodieke aangifte omzetbelasting op, controleert de aansluiting met de administratie en corrigeert onjuiste boekingen.Bepaalt de fiscale werkwijze van de organisatie, overlegt met de belastingdienst en adviseert het bestuur over fiscale risico's.
Audit en interne controle
Toetst of processen en vastleggingen voldoen aan regels en interne beheersing, verzamelt bewijs en rapporteert bevindingen met aanbevelingen.
Voert onder toezicht controlestappen uit volgens werkprogramma en legt het gevonden bewijs geordend vast.Stelt zelfstandig een controleaanpak op bij een risicovol proces, weegt het bewijs en formuleert onderbouwde bevindingen.Bepaalt het auditjaarplan en de beheersingsnormen van de organisatie en verantwoordt de uitkomsten aan bestuur of raad.
Omgaan met werkdruk
Houdt bij een oplopende hoeveelheid werk het overzicht, maakt keuzes in wat wel en niet doorgaat en legt de gevolgen van die keuzes voor.
Geeft aan de begeleider door dat het werk niet binnen de tijd past en volgt de gemaakte keuze.Schrapt of verschuift bij drukte zelf taken op basis van belang, legt dat vast en bespreekt de gevolgen met opdrachtgevers.Herverdeelt werk en capaciteit over afdelingen bij structurele overbelasting en stelt normen vast voor houdbare werkverdeling.
Procesautomatisering
Analyseert een terugkerend werkproces, bouwt of laat bouwen dat stappen automatisch verlopen en controleert of de uitkomst betrouwbaar blijft.
Voert een bestaande automatisering uit en meldt wanneer de uitkomst afwijkt van wat verwacht werd.Beschrijft een proces in stappen, automatiseert de herhaalbare stappen en bouwt controles in op fouten en uitzonderingen.Bepaalt de automatiseringsagenda van de organisatie en beslist welke processen wel en niet worden geautomatiseerd.
Treasury en werkkapitaalbeheer
Beheert liquiditeit, financiering en betalingsverkeer, stuurt op debiteuren, crediteuren en voorraad en beperkt rente- en valutarisico.
Stelt onder begeleiding het dagelijkse liquiditeitsoverzicht op en signaleert betalingen die de beschikbare ruimte overschrijden.Maakt zelfstandig een liquiditeitsprognose, stuurt op betaaltermijnen en stelt de financieringsbehoefte tijdig aan de orde.Bepaalt het treasurybeleid van de organisatie, kiest de financieringsstructuur en dekt rente- en valutarisico met onderbouwde instrumenten.

6 Meetmethoden en validiteit

De validiteiten zijn de gecorrigeerde meta-analytische schattingen van Sackett, Zhang, Berry en Lievens (2022) in het Journal of Applied Psychology. Die vervangen de oudere cijfers van Schmidt en Hunter (1998). De spreiding is even belangrijk als het gemiddelde: bij een hoge SD varieert de validiteit sterk per context.

MeetmethoderhoSDWat het is
Werkproef 0.33 0.09 De kandidaat voert een representatief werkfragment uit onder gestandaardiseerde condities.
Persoonlijkheidsvragenlijst 0.40 0.15 Zelfrapportage van gedragsvoorkeuren. Bij hrmforce de Big Fifty en de 15PF.
Cognitieve capaciteitentest 0.41 0.14 Gestandaardiseerde test van verbaal, numeriek of abstract redeneervermogen.
Assessment center 0.29 0.09 Meerdere oefeningen, meerdere beoordelaars, dimensiegewijze scoring.
Kennistoets 0.40 0.13 Toets van declaratieve vakkennis, meestal klantspecifiek samengesteld.
Praktijkobservatie - - Gestructureerde observatie op de werkplek met een formulier op basis van gedragsankers.
Structureerd interview 0.42 0.19 Gedragsgericht interview met vaste vragen en een beoordelingsschaal per vraag.

7 Meetinstrumenten voor deze functie

hrmforce instrumentSkillsWat het meet
Werkproef14Representatief werkfragment onder gestandaardiseerde condities
Kennistoets (klantspecifiek)13Toets van vakkennis, per klant samengesteld
Competency Check6Competentiebeoordeling op gedragsniveau
Ability Scan4Capaciteitentest: verbaal, numeriek en abstract redeneervermogen
Big Fifty4Persoonlijkheidsvragenlijst, 150 items, 25 factoren
360 Feedback4Meervoudige beoordeling op gedragsankers
Portfolio3Beoordeling van eerder werk tegen vaste criteria
Structureerd interview2Gedragsgericht interview met vaste opzet
Kleurenprofiel (Jung)1Vier kleurentypen, gekoppeld aan Big Fifty-factoren
Big Fifty (schaal Integriteit)1
15PF1Persoonlijkheidsprofiel, korter alternatief voor de Big Fifty
Pulse Survey1Periodieke meting op team- en organisatieniveau

8 Hoe je dit profiel gebruikt

  1. Stel het profiel vast met de leidinggevende voordat de eerste kandidaat wordt gemeten. Gewichten die je achteraf verschuift, maken de uitkomst onverdedigbaar.
  2. Kies per skill de meetmethode uit kolom Meetmethode. Combineer maximaal drie methoden per kandidaat.
  3. Kalibreer de beoordelaars in een sessie van twee uur met de gedragsankers uit hoofdstuk 5. Ankers zonder beoordelaarstraining leveren weinig op.
  4. Vul de matchcalculator en bespreek de gaps in het ontwikkelgesprek. Type A en type G zijn selectiecriteria, geen ontwikkeldoelen van een kwartaal.

Bron: hrmforce Skills Framework 2.0, versie 2.0.0, gebouwd op 2026-09-08. Crosswalks naar ESCO v1.2.1, O*NET 31.0, Lightcast Open Skills, SFIA 9, DigComp 3.0, EntreComp, LifeComp, GreenComp, AILit, WEF Future of Jobs 2025, ISCO-08 en de Beroepenindeling ROA-CBS 2014 editie 2025. Dit profiel is een startpunt, geen norm: stem het af op de eigen organisatie voordat je ermee selecteert.

hrmforce · hrmforce.com · FN0505