hrmforce
hrmforce Skills Framework 2.0
Volledig functieprofiel
FN0905 · versie 2.0.0 · 2026-09-08

Security officer

FF09 ICT-infrastructuur, beheer en security · ISCO-08 2529 · CBS 0813 Systeemanalisten en ICT-adviseurs · senioriteit senior · Ook bekend als: Information security officer, ISO informatiebeveiliging, Informatiebeveiligingsfunctionaris, Adviseur informatiebeveiliging, Security-officer

Stelt beveiligingsbeleid en normenkaders op, toetst de naleving daarvan in de organisatie en adviseert het management over restrisico.

De security officer werkt op beleids- en toetsingsniveau en zorgt dat een organisatie aantoonbaar aan haar beveiligingsnormen werkt. Anders dan de security engineer voert hij geen technische maatregelen uit, en anders dan de security analist volgt hij geen incidenten in de systemen. De selectie loopt vast op technische diepgang als eis, terwijl het werk staat of valt met positie kunnen innemen: een officer die de directie niet tegenspreekt bij een risico dat niemand wil dragen, produceert vooral documenten zonder gevolgen.

Kerncijfers van dit profiel

27 skills · 5 te meten competenties · 4 knockout-skills · zwaartepunt: Digitaal, data en AI 51%, Leiderschap en organiseren 10%, Cognitief vermogen en probleemoplossing 9%

1 Te meten competenties

Dit zijn de gedrags- en capaciteitsconstructen in dit profiel. Per competentie staat erbij met welke hrmforce-vragenlijst je die meet.

Te meten competenties Streefniveau hrmforce instrument Meetmethode Gedragsanker op streefniveau
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Competentie (50-framework): Nauwkeurigheid
N5 Big Fifty, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
onafhankelijkheid
Competentie (50-framework): Onafhankelijkheid
N5 Big Fifty, 15PF Persoonlijkheidsvragenlijst Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
integriteit en betrouwbaarheid
Competentie (50-framework): Integriteit
N5 Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview Persoonlijkheidsvragenlijst Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
Discipline en afspraken nakomen
Competentie (50-framework): Discipline
N5 Big Fifty, 15PF, 360 Feedback Persoonlijkheidsvragenlijst Legt de norm voor betrouwbaar nakomen vast in werkafspraken en spreekt op elk niveau aan wie die norm structureel laat lopen.
Stressbestendigheid
Competentie (50-framework): Stressbestendigheid
N5 Big Fifty, 15PF, Mentale Weerbaarheid (4C) Persoonlijkheidsvragenlijst Houdt in crisissituaties de organisatie werkbaar, neemt onder hoge onzekerheid besluiten en zet de norm voor kalm handelen onder druk.

2 Volledig skillprofiel

Alle skills van dit profiel, op gewicht gesorteerd. Het gedragsanker onder elke skill hoort bij het streefniveau.

T Skill Streefniveau Gewicht Knockout Meetmethode hrmforce instrument
V Probleemanalyse
Herleidt hardnekkige organisatieproblemen tot een klein aantal grondoorzaken en legt de analysemethode vast die andere teams gaan gebruiken.
N5 5 ja Assessment center Competency Check, Ability Scan
K Governance en compliance
Stelt het governancekader van de organisatie op, bepaalt mandaten en toezichtafspraken en verantwoordt de naleving aan externe toezichthouders.
N5 5 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Risicomanagement
Bouwt het risicoraamwerk van de organisatie, bepaalt de risicobereidheid met de directie en rapporteert hierover aan de toezichthouder.
N5 5 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Competency Check
V Informatiebeveiliging in het werkproces
Stelt het beveiligingsbeleid voor informatie vast en bewaakt organisatiebreed dat processen aan de gestelde eisen voldoen.
N5 5 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Incidentbeheer en storingsoplossing
Richt het incidentproces van de organisatie in, leidt de aanpak bij zware verstoringen en verantwoordt die naar directie en klanten.
N5 5 ja Werkproef Werkproef, Kennistoets (klantspecifiek)
V Toegangsbeheer en identiteitsbeheer
Bepaalt het toegangsbeleid van de organisatie en verantwoordt de beheersing van rechten bij audits.
N5 5 ja Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Dreigings- en risicoanalyse
Voert zelfstandig een dreigingsanalyse uit op een toepassing, prioriteert risico's en adviseert over maatregelen met kosten en effect.
N4 5 ja Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
G Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 360 Feedback
V Argumenteren en weerstand hanteren
Voert publiek debat over gevoelige organisatiekeuzes, ontkracht hardnekkige beelden met bewijs en houdt tegenstanders in gesprek.
N5 4 nee Situational Judgement Test Conflictstijlen, 360 Feedback
G onafhankelijkheid
Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF
G integriteit en betrouwbaarheid
Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty (schaal Integriteit), 360 Feedback, Structureerd interview
G Discipline en afspraken nakomen
Legt de norm voor betrouwbaar nakomen vast in werkafspraken en spreekt op elk niveau aan wie die norm structureel laat lopen.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF, 360 Feedback
G Stressbestendigheid
Houdt in crisissituaties de organisatie werkbaar, neemt onder hoge onzekerheid besluiten en zet de norm voor kalm handelen onder druk.
N5 4 nee Persoonlijkheidsvragenlijst Big Fifty, 15PF, Mentale Weerbaarheid (4C)
V Cloudplatformen benutten
Bepaalt de cloudstrategie van de organisatie en beslist welke werklasten waar worden ondergebracht.
N5 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
K Informatiebeveiligingsbewustzijn
Ontwerpt het bewustzijnsprogramma van de organisatie, meet het effect en stuurt de aanpak bij op basis van meetresultaten.
N5 4 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Beleidsontwikkeling
Zet de beleidskoers voor een domein uit, verbindt partijen in de keten en laat de effecten stelselmatig evalueren.
N5 4 nee Portfolio/bewijsstuk Portfolio, Competency Check
V Respons op beveiligingsincidenten
Beperkt zelfstandig de schade bij een incident, bewaart bewijsmateriaal en levert een navolgbare tijdlijn van gebeurtenissen op.
N4 4 nee Simulatie Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Leren van fouten en incidenten
Analyseert eigen fouten en die van het team, bespreekt de oorzaak open in het werkoverleg en past afspraken aan.
N4 3 nee Situational Judgement Test 360 Feedback, Competency Check
V Professioneel bijblijven en vakliteratuur
Houdt structureel bronnen en richtlijnen bij, weegt de kwaliteit ervan en past de eigen werkwijze aan nieuwe inzichten aan.
N4 3 nee Portfolio/bewijsstuk Portfolio, Kennistoets (klantspecifiek)
V Technische documentatie schrijven
Schrijft complete documentatie voor een systeem of proces, test die met een onbekende lezer en houdt versies bij.
N4 3 nee Werkproef Werkproef, Portfolio
V Releasebeheer en deployment
Stelt zelf een uitrolplan met terugvaloptie op, stemt af met betrokkenen en controleert na uitrol of de dienst goed werkt.
N4 3 nee Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Procesautomatisering
Beschrijft een proces in stappen, automatiseert de herhaalbare stappen en bouwt controles in op fouten en uitzonderingen.
N4 3 nee Werkproef Werkproef, Portfolio
V Functioneel beheer en applicatiebeheer
Beheert een applicatie zelfstandig, prioriteert wijzigingswensen met gebruikers en test nieuwe versies voor ingebruikname.
N4 3 nee Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
K Netwerkbasiskennis
Leidt uit symptomen af in welke laag van het netwerk een probleem zit en onderbouwt dat met eigen metingen.
N3 3 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek)
V Dataclassificatie en bewaartermijnen
Stelt voor een informatiestroom de classificatie en bewaartermijn vast en controleert of opschoning volgens plan gebeurt.
N4 2 nee Kennistoets Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Systeembeheer en monitoring
Voert geplande beheertaken en updates uit volgens draaiboek en meldt afwijkingen in de bewakingssignalen.
N2 2 nee Werkproef Kennistoets (klantspecifiek), Werkproef
V Leverancier- en contractmanagement voor IT
Voert leveranciersgesprekken over prestatie en kosten, legt afspraken vast en stuurt bij wanneer afspraken niet worden nagekomen.
N3 1 nee Structureerd interview Structureerd interview, Portfolio

3 Niveaus per senioriteit

Hetzelfde profiel, met de senioriteitsbijstelling van de functiefamilie toegepast. De streefniveaus zijn begrensd op 1 tot 5.

Skill mediorsenior
Probleemanalyse N4N5
Governance en compliance N4N5
Risicomanagement N4N5
Informatiebeveiliging in het werkproces N5N5
Incidentbeheer en storingsoplossing N4N5
Toegangsbeheer en identiteitsbeheer N4N5
Dreigings- en risicoanalyse N4N4
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail N4N5
Argumenteren en weerstand hanteren N4N5
onafhankelijkheid N4N5
integriteit en betrouwbaarheid N4N5
Discipline en afspraken nakomen N4N5
Stressbestendigheid N4N5
Cloudplatformen benutten N4N5
Informatiebeveiligingsbewustzijn N4N5
Beleidsontwikkeling N4N5
Respons op beveiligingsincidenten N3N4
Leren van fouten en incidenten N3N4
Professioneel bijblijven en vakliteratuur N3N4
Technische documentatie schrijven N3N4
Releasebeheer en deployment N3N4
Procesautomatisering N3N4
Functioneel beheer en applicatiebeheer N3N4
Netwerkbasiskennis N3N3
Dataclassificatie en bewaartermijnen N3N4
Systeembeheer en monitoring N2N2
Leverancier- en contractmanagement voor IT N2N3

4 De niveauschaal

NiveauLabel AutonomieComplexiteit BereikKennisdiepte
N1Begeleid werkt onder toezicht en volgt instructieroutinematig, een variabele tegelijkeigen taakbasisbegrip, kent de termen
N2Toepassend werkt zelfstandig binnen vastgestelde kadersbekende situaties met beperkte variatieeigen rolwerkkennis, past standaardaanpak toe
N3Zelfstandig stelt de eigen aanpak vast en vraagt zelf om inputmeerdere variabelen, enige ambiguiteiteigen team of procesgrondige kennis, weegt alternatieven
N4Sturend geeft anderen richting en beslist over de aanpakcomplex, met tegenstrijdige belangenmeerdere teams of een afdelingdiepgaande kennis, adviseert anderen
N5Toonaangevend zet de standaard en het beleidstrategisch, met hoge onzekerheidorganisatie, keten of vakgebiedautoriteit, ontwikkelt het vakgebied

5 Gedragsankers per skill

Ankers staan op N1, N3 en N5. N2 en N4 zijn bewust niet geankerd: beoordelaars plaatsen die daartussen, conform de O*NET-conventie.

SkillN1N3N5
Probleemanalyse
Ontleedt een vraagstuk in onderdelen, scheidt oorzaken van gevolgen en benoemt welke informatie nodig is om verder te komen.
Benoemt bij een storing wat er precies afwijkt en welke gegevens ontbreken, en legt dit voor aan de begeleider.Splitst een terugkerende klacht in mogelijke oorzaken, toetst die met eigen gegevens en benoemt de meest waarschijnlijke oorzaak.Herleidt hardnekkige organisatieproblemen tot een klein aantal grondoorzaken en legt de analysemethode vast die andere teams gaan gebruiken.
Governance en compliance
Weten welke wetten, gedragscodes en interne regels gelden voor het eigen werkterrein en hoe toezicht, mandaat en verantwoording binnen de organisatie geregeld zijn.
Noemt de belangrijkste regels voor het eigen werk en zoekt bij twijfel de geldende procedure op.Toetst voorgenomen werkwijzen aan wet en interne regels en legt afwijkingen met onderbouwing voor aan de verantwoordelijke.Stelt het governancekader van de organisatie op, bepaalt mandaten en toezichtafspraken en verantwoordt de naleving aan externe toezichthouders.
Risicomanagement
Risico's in werk, projecten of beleid benoemen, op kans en gevolg wegen, beheersmaatregelen kiezen en periodiek toetsen of die maatregelen werken.
Meldt onveilige of risicovolle situaties in het eigen werk volgens de afgesproken meldroute.Stelt een risicolijst op met kans, gevolg en maatregel per risico en bespreekt die periodiek met betrokkenen.Bouwt het risicoraamwerk van de organisatie, bepaalt de risicobereidheid met de directie en rapporteert hierover aan de toezichthouder.
Informatiebeveiliging in het werkproces
Past beveiligingsmaatregelen toe in dagelijkse werkzaamheden zoals veilig delen, classificeren en opslaan van informatie en signaleert risicovolle werkwijzen.
Volgt de beveiligingsregels voor delen en opslaan van informatie en meldt een vermoedelijk incident direct.Weegt bij nieuwe werkafspraken de beveiligingsrisico's mee, past maatregelen aan en spreekt collega's aan op onveilig gedrag.Stelt het beveiligingsbeleid voor informatie vast en bewaakt organisatiebreed dat processen aan de gestelde eisen voldoen.
Incidentbeheer en storingsoplossing
Neemt storingen aan, stelt de oorzaak vast via gerichte stappen, herstelt de dienst en houdt melders en betrokkenen op de hoogte.
Registreert een storing volledig, doorloopt de standaardstappen en schaalt op zodra de eigen stappen niet werken.Stelt bij een onbekende storing zelf een onderzoekslijn op, herstelt de dienst en legt oorzaak en oplossing vast voor hergebruik.Richt het incidentproces van de organisatie in, leidt de aanpak bij zware verstoringen en verantwoordt die naar directie en klanten.
Toegangsbeheer en identiteitsbeheer
Kent rechten toe op basis van rol en noodzaak, controleert periodiek wie waar bij kan en trekt rechten in bij wijziging of uitstroom.
Verwerkt aanvragen voor toegang volgens het vastgestelde rollenschema en legt elke wijziging vast.Ontwerpt rollen en rechten voor een applicatie, voert de periodieke controle uit en corrigeert te ruime toegang.Bepaalt het toegangsbeleid van de organisatie en verantwoordt de beheersing van rechten bij audits.
Dreigings- en risicoanalyse
Brengt dreigingen, zwakke plekken en gevolgen voor een systeem of proces in kaart, weegt kans tegen impact en benoemt passende maatregelen.
Vult een risico-inventarisatie in aan de hand van een gegeven lijst dreigingen en legt de uitkomst voor aan de specialist.Voert zelfstandig een dreigingsanalyse uit op een toepassing, prioriteert risico's en adviseert over maatregelen met kosten en effect.Bepaalt de risicobereidheid en analysemethode van de organisatie en verantwoordt het beveiligingsrisicobeeld aan de directie.
Nauwkeurigheid en aandacht voor detail
Werkt zorgvuldig, controleert het eigen werk op fouten en houdt zich aan afspraken over volledigheid en juistheid van gegevens.
Loopt het eigen werk na met een checklist en herstelt gevonden fouten voordat het werk wordt doorgegeven.Bouwt in het eigen proces controlemomenten in, houdt fouten bij en voorkomt herhaling door de werkwijze aan te passen.Stelt de normen voor volledigheid en juistheid vast, laat steekproeven uitvoeren en spreekt teams aan op structurele slordigheid.
Argumenteren en weerstand hanteren
Een standpunt logisch opbouwen, tegenargumenten serieus behandelen en bij verzet de discussie op inhoud houden zonder de relatie te beschadigen.
Benoemt bij een bezwaar het feit waarop het eigen standpunt rust en vraagt de ander naar diens bezwaar.Onderscheidt inhoudelijk bezwaar van gevoel, weerlegt drogredenen rustig en stelt het eigen standpunt bij als het bewijs dat vraagt.Voert publiek debat over gevoelige organisatiekeuzes, ontkracht hardnekkige beelden met bewijs en houdt tegenstanders in gesprek.
onafhankelijkheid
Een eigen standpunt bepalen en handhaven op basis van eigen afweging, ook wanneer de omgeving of een autoriteit iets anders verwacht.
Vormt bij een bekend vraagstuk een eigen mening en legt die naast het advies van een collega.Neemt een besluit dat afwijkt van de groepslijn, legt de eigen afweging uit en aanvaardt de gevolgen.Bewaakt in de hoogste overleggen de eigen professionele afweging tegen druk van belanghebbenden en maakt afwijkende standpunten navolgbaar.
integriteit en betrouwbaarheid
Handelen volgens geldende normen en afspraken, ook zonder toezicht, en transparant zijn over eigen belangen, gemaakte fouten en twijfelgevallen.
Houdt zich aan gemaakte afspraken en gedragsregels en meldt een eigen fout bij de leidinggevende.Meldt uit eigen beweging een mogelijke belangenverstrengeling en vraagt om toetsing voordat er een besluit wordt genomen.Stelt de integriteitsnormen van de organisatie vast, handhaaft die ook bij invloedrijke betrokkenen en legt keuzes in het openbaar uit.
Discipline en afspraken nakomen
Houdt zich aan gemaakte afspraken, procedures en toezeggingen, ook zonder controle, en meldt tijdig wanneer een afspraak niet haalbaar blijkt.
Komt op de afgesproken tijd met het afgesproken werk en meldt vertraging bij de begeleider.Zegt alleen toe wat haalbaar is, houdt de eigen toezeggingen bij en informeert betrokkenen zodra een datum onder druk staat.Legt de norm voor betrouwbaar nakomen vast in werkafspraken en spreekt op elk niveau aan wie die norm structureel laat lopen.
Stressbestendigheid
Blijft bij tijdsdruk, tegenspraak of onverwachte wendingen dezelfde kwaliteit werk leveren en houdt in het contact met anderen een zakelijke toon.
Werkt bij oplopende drukte door aan de lopende taak en vraagt de begeleider welke taak kan wachten.Blijft bij piekdrukte gestructureerd werken, houdt afspraken met opdrachtgevers helder en signaleert vroegtijdig welke resultaten in gevaar komen.Houdt in crisissituaties de organisatie werkbaar, neemt onder hoge onzekerheid besluiten en zet de norm voor kalm handelen onder druk.
Cloudplatformen benutten
Zet diensten in een cloudomgeving op en beheert die, richt rechten en kosten in en kiest tussen beschikbare dienstvormen op basis van eisen.
Gebruikt bestaande clouddiensten volgens werkinstructie en meldt afwijkend gedrag of onverwachte kosten aan de beheerder.Richt zelfstandig clouddiensten in voor een toepassing, regelt rechten en back ups en houdt kosten en verbruik in beeld.Bepaalt de cloudstrategie van de organisatie en beslist welke werklasten waar worden ondergebracht.
Informatiebeveiligingsbewustzijn
Kent de meest voorkomende dreigingen zoals phishing, gijzelsoftware en misleiding, herkent signalen ervan en weet welke handeling dan verwacht wordt.
Herkent een duidelijk phishingbericht, klikt niet en meldt het bericht via het aangewezen kanaal.Legt collega's uit hoe dreigingen werken, beoordeelt twijfelgevallen zelf en past het eigen gedrag aan nieuwe dreigingen aan.Ontwerpt het bewustzijnsprogramma van de organisatie, meet het effect en stuurt de aanpak bij op basis van meetresultaten.
Beleidsontwikkeling
Ontwikkelt beleid door probleemanalyse, verkenning van varianten, consultatie van belanghebbenden en uitwerking in doelen, instrumenten en evaluatie.
Verzamelt onder begeleiding cijfers en documenten voor een beleidsverkenning en vat de bevindingen kort samen.Werkt zelfstandig een beleidsvoorstel uit met varianten en verwachte effecten en organiseert consultatie van betrokken partijen.Zet de beleidskoers voor een domein uit, verbindt partijen in de keten en laat de effecten stelselmatig evalueren.
Respons op beveiligingsincidenten
Handelt bij een beveiligingsincident volgens draaiboek door te beperken, bewijs te bewaren, te herstellen en de juiste partijen tijdig te informeren.
Meldt een vermoed incident onmiddellijk, raakt niets aan en volgt de aanwijzingen van de coördinator.Beperkt zelfstandig de schade bij een incident, bewaart bewijsmateriaal en levert een navolgbare tijdlijn van gebeurtenissen op.Leidt de organisatiebrede responsorganisatie, beslist over communicatie naar buiten en verbetert het draaiboek na elke oefening.
Leren van fouten en incidenten
Onderzoekt na een fout of incident wat er is gebeurd, benoemt de oorzaak zonder de schuld te verplaatsen en verandert de werkwijze op dat punt.
Meldt een eigen fout direct bij de begeleider en herhaalt de taak volgens de gecorrigeerde instructie.Analyseert eigen fouten en die van het team, bespreekt de oorzaak open in het werkoverleg en past afspraken aan.Zorgt dat incidenten organisatiebreed veilig gemeld worden, laat oorzaken structureel uitzoeken en verwerkt de lessen in beleid en standaarden.
Professioneel bijblijven en vakliteratuur
Volgt ontwikkelingen in het eigen vak via literatuur, richtlijnen en netwerken en verwerkt relevante nieuwe inzichten in de eigen werkwijze.
Leest de toegestuurde vakinformatie en benoemt welk onderdeel voor het eigen werk van belang is.Houdt structureel bronnen en richtlijnen bij, weegt de kwaliteit ervan en past de eigen werkwijze aan nieuwe inzichten aan.Beoordeelt de stand van het vakgebied, weegt tegenstrijdig onderzoek en bepaalt welke richtlijnen de organisatie voortaan volgt.
Technische documentatie schrijven
Schrijft handleidingen, beheerdocumentatie en beslisverantwoording die een lezer zonder voorkennis stap voor stap kan volgen en die actueel blijft.
Vult een documentatiesjabloon aan met de stappen van een taak en laat de tekst controleren door een collega.Schrijft complete documentatie voor een systeem of proces, test die met een onbekende lezer en houdt versies bij.Stelt de documentatiestandaard van de organisatie vast en zorgt dat documentatie onderdeel is van elke oplevering.
Releasebeheer en deployment
Plant en voert het uitrollen van nieuwe versies uit, controleert vooraf en achteraf op werking en zorgt dat terugdraaien mogelijk blijft.
Voert de stappen van een uitrolplan uit en meldt direct wanneer een stap niet het verwachte resultaat geeft.Stelt zelf een uitrolplan met terugvaloptie op, stemt af met betrokkenen en controleert na uitrol of de dienst goed werkt.Bepaalt het releasebeleid van de organisatie, beslist over uitrolvensters en verbetert de doorlooptijd van wijzigingen structureel.
Procesautomatisering
Analyseert een terugkerend werkproces, bouwt of laat bouwen dat stappen automatisch verlopen en controleert of de uitkomst betrouwbaar blijft.
Voert een bestaande automatisering uit en meldt wanneer de uitkomst afwijkt van wat verwacht werd.Beschrijft een proces in stappen, automatiseert de herhaalbare stappen en bouwt controles in op fouten en uitzonderingen.Bepaalt de automatiseringsagenda van de organisatie en beslist welke processen wel en niet worden geautomatiseerd.
Functioneel beheer en applicatiebeheer
Houdt een applicatie werkend en passend voor gebruikers door wensen te verzamelen, instellingen te beheren en wijzigingen met leverancier af te stemmen.
Handelt gebruikersvragen over een applicatie af volgens werkinstructie en legt wensen vast in het aangewezen register.Beheert een applicatie zelfstandig, prioriteert wijzigingswensen met gebruikers en test nieuwe versies voor ingebruikname.Bepaalt de inrichting van functioneel beheer in de organisatie en beslist over de levensduur van applicaties.
Netwerkbasiskennis
Kent de werking van netwerken op hoofdlijnen zoals adressering, routering, poorten en naamsopvraging en benoemt waar een verbindingsprobleem kan ontstaan.
Legt uit welke onderdelen een verbinding vormen en voert een aangereikte controle zoals een verbindingstest uit.Leidt uit symptomen af in welke laag van het netwerk een probleem zit en onderbouwt dat met eigen metingen.Draagt de netwerkkennis in de organisatie uit, stelt de ontwerpuitgangspunten vast en beoordeelt netwerkontwerpen van leveranciers.
Dataclassificatie en bewaartermijnen
Rubriceert informatie naar gevoeligheid en belang, koppelt daaraan bewaartermijnen en zorgt dat verwijdering en archivering daadwerkelijk plaatsvinden.
Kent een classificatielabel toe volgens het schema en legt onduidelijke gevallen voor aan de beheerder.Stelt voor een informatiestroom de classificatie en bewaartermijn vast en controleert of opschoning volgens plan gebeurt.Ontwerpt het classificatie en bewaarbeleid van de organisatie en verantwoordt dit bij audits en toezicht.
Systeembeheer en monitoring
Houdt systemen werkend door instellingen, updates en rechten te beheren, richt bewaking in en handelt op signalen voordat gebruikers hinder ondervinden.
Voert geplande beheertaken en updates uit volgens draaiboek en meldt afwijkingen in de bewakingssignalen.Beheert een systeemomgeving zelfstandig, stelt bewakingsdrempels in en verbetert terugkerende oorzaken van verstoringen.Bepaalt de beheer en bewakingsstandaarden van de organisatie en beslist over de inrichting van de systeemomgeving.
Leverancier- en contractmanagement voor IT
Beheert afspraken met IT-leveranciers over levering, prestatie en kosten, volgt naleving en spreekt leveranciers aan op afwijkingen.
Controleert facturen en geleverde diensten aan de hand van het contract en meldt afwijkingen aan de contractbeheerder.Voert leveranciersgesprekken over prestatie en kosten, legt afspraken vast en stuurt bij wanneer afspraken niet worden nagekomen.Bepaalt het leveranciersbeleid van de organisatie, sluit de belangrijkste contracten en beslist over beëindiging of overstap.

6 Meetmethoden en validiteit

De validiteiten zijn de gecorrigeerde meta-analytische schattingen van Sackett, Zhang, Berry en Lievens (2022) in het Journal of Applied Psychology. Die vervangen de oudere cijfers van Schmidt en Hunter (1998). De spreiding is even belangrijk als het gemiddelde: bij een hoge SD varieert de validiteit sterk per context.

MeetmethoderhoSDWat het is
Assessment center 0.29 0.09 Meerdere oefeningen, meerdere beoordelaars, dimensiegewijze scoring.
Kennistoets 0.40 0.13 Toets van declaratieve vakkennis, meestal klantspecifiek samengesteld.
Werkproef 0.33 0.09 De kandidaat voert een representatief werkfragment uit onder gestandaardiseerde condities.
Persoonlijkheidsvragenlijst 0.40 0.15 Zelfrapportage van gedragsvoorkeuren. Bij hrmforce de Big Fifty en de 15PF.
Situational Judgement Test 0.12 0.11 Scenario met responsopties, gescoord op kennis of op gedragstendens.
Portfolio/bewijsstuk - - Verzameling van eerder werk of resultaten, beoordeeld tegen vaste criteria.
Simulatie - - Nagebootste werksituatie, meestal digitaal, met gestandaardiseerde scoring.
Structureerd interview 0.42 0.19 Gedragsgericht interview met vaste vragen en een beoordelingsschaal per vraag.

7 Meetinstrumenten voor deze functie

hrmforce instrumentSkillsWat het meet
Kennistoets (klantspecifiek)15Toets van vakkennis, per klant samengesteld
Werkproef10Representatief werkfragment onder gestandaardiseerde condities
360 Feedback5Meervoudige beoordeling op gedragsankers
Portfolio5Beoordeling van eerder werk tegen vaste criteria
Competency Check4Competentiebeoordeling op gedragsniveau
Big Fifty4Persoonlijkheidsvragenlijst, 150 items, 25 factoren
15PF3Persoonlijkheidsprofiel, korter alternatief voor de Big Fifty
Structureerd interview2Gedragsgericht interview met vaste opzet
Ability Scan1Capaciteitentest: verbaal, numeriek en abstract redeneervermogen
Conflictstijlen1Voorkeursstijl in conflictsituaties
Big Fifty (schaal Integriteit)1
Mentale Weerbaarheid (4C)1Mentale weerbaarheid volgens het 4C-model

8 Hoe je dit profiel gebruikt

  1. Stel het profiel vast met de leidinggevende voordat de eerste kandidaat wordt gemeten. Gewichten die je achteraf verschuift, maken de uitkomst onverdedigbaar.
  2. Kies per skill de meetmethode uit kolom Meetmethode. Combineer maximaal drie methoden per kandidaat.
  3. Kalibreer de beoordelaars in een sessie van twee uur met de gedragsankers uit hoofdstuk 5. Ankers zonder beoordelaarstraining leveren weinig op.
  4. Vul de matchcalculator en bespreek de gaps in het ontwikkelgesprek. Type A en type G zijn selectiecriteria, geen ontwikkeldoelen van een kwartaal.

Bron: hrmforce Skills Framework 2.0, versie 2.0.0, gebouwd op 2026-09-08. Crosswalks naar ESCO v1.2.1, O*NET 31.0, Lightcast Open Skills, SFIA 9, DigComp 3.0, EntreComp, LifeComp, GreenComp, AILit, WEF Future of Jobs 2025, ISCO-08 en de Beroepenindeling ROA-CBS 2014 editie 2025. Dit profiel is een startpunt, geen norm: stem het af op de eigen organisatie voordat je ermee selecteert.

hrmforce · hrmforce.com · FN0905