Een capaciteitentest meet hoe snel iemand nieuwe informatie oppakt en problemen oplost. Hieronder lees je uit welke onderdelen zo'n test bestaat, wat een score betekent en waar je ermee oefent.
Van alle selectie-instrumenten voorspelt de capaciteitentest het sterkst hoe iemand het in een nieuwe functie gaat doen. Dat komt doordat hij meet wat op elke werkplek terugkomt: nieuwe informatie opnemen, verbanden zien en tot een oplossing komen.
De test werkt met een tijdslimiet. Dat hoort erbij: snelheid is onderdeel van wat wordt gemeten. Vrijwel niemand maakt alle opgaven af, dus daar hoef je niet van te schrikken.
Figuurreeksen waarin je de regel achter de reeks zoekt. Taal en rekenen spelen hier geen rol.
Rekenopgaven en vragen bij tabellen en grafieken, zoals percentages en verhoudingen.
Teksten waarin je bepaalt welke conclusie wel en niet volgt uit wat er staat.
De uitkomst wordt afgezet tegen een normgroep, zodat je ziet hoe iemand scoort ten opzichte van vergelijkbare kandidaten.
De instrumenten die hrmforce inzet, plus de oefenomgeving waar kandidaten vrij kunnen proberen.
Een ruwe score zegt op zichzelf niets. Pas vergeleken met een normgroep wordt duidelijk of iemand hoog of laag scoort, en die normgroep hoort te passen bij de functie. Een score die hoog is ten opzichte van mbo-kandidaten kan gemiddeld zijn ten opzichte van academici.
Een capaciteitentest zegt iets over leervermogen, niet over motivatie, samenwerking of ervaring. Zet hem daarom naast een persoonlijkheidstest en een interview.
Lees de wetenschappelijke verantwoording →Direct te openen, zonder formulier. De uitgever van het instrument staat erbij.
Door opgaven te maken van hetzelfde type en daarna de uitleg te lezen. Oefenen helpt vooral tegen de zenuwen en voor het tempo. In de oefentest krijg je per onderdeel vragen met het juiste antwoord en de redenering erachter.
Dat hangt af van de normgroep en van de functie. Een score wordt altijd uitgedrukt ten opzichte van een vergelijkingsgroep, niet als rapportcijfer.
Meestal 25 tot 60 minuten voor het geheel, met per onderdeel een eigen tijdslimiet.
Kladpapier en pen zijn bij de rekenonderdelen gebruikelijk. Of een rekenmachine mag staat in de uitnodiging; houd je aan wat daar staat.
Ze meten verwante dingen, met een ander doel. Een IQ-test geeft een algemeen intelligentiecijfer, een capaciteitentest meet het werk- en denkniveau dat bij een functie hoort.
Een adviseur laat zien welk niveau en welke normgroep bij je functie passen.