Aansturen en sturing geven
Medewerkers duidelijk maken wat van hen wordt verwacht, opdrachten geven, kaders stellen en ingrijpen wanneer werk of gedrag afwijkt van de afspraak.
Hoe hrmforce dit meet
- Meetmethode
- Assessment center · rho 0.29 (SD 0.09)
- hrmforce instrument
- Big Fifty, Competency Check, 360 Feedback
- Competentie (50-framework)
- Aansturen
- Trainbaarheid
- middel
- Vraagontwikkeling 2026 tot 2030
- stabiel
Meerdere oefeningen, meerdere beoordelaars, dimensiegewijze scoring.
Dit is een selectiecriterium, geen ontwikkeldoel op korte termijn. Zet hier geen ontwikkelplan van drie maanden op.
Gedragsankers
| Niveau | Gedrag op dit niveau |
|---|---|
| N1 Begeleid | Geeft een collega een concrete opdracht met verwacht resultaat en tijdstip en controleert of de opdracht begrepen is. werkt onder toezicht en volgt instructie · routinematig, een variabele tegelijk · eigen taak |
| N3 Zelfstandig | Stelt per teamlid verwachtingen en kaders vast, spreekt afwijkend gedrag direct aan en legt afspraken schriftelijk vast. stelt de eigen aanpak vast en vraagt zelf om input · meerdere variabelen, enige ambiguiteit · eigen team of proces |
| N5 Toonaangevend | Richt de sturingslijn voor de hele organisatie in, spreekt leidinggevenden aan op hun stijl en bepaalt wat goede sturing hier betekent. zet de standaard en het beleid · strategisch, met hoge onzekerheid · organisatie, keten of vakgebied |
N2 en N4 zijn bewust niet geankerd. Beoordelaars plaatsen die tussen de ankers, conform de conventie van O*NET.
Onderliggende skills
Deze skills erven de meetroute en de gedragsankers van dit construct.
| T | Skill | Definitie | Vraagontwikkeling 2026 tot 2030 |
|---|---|---|---|
| G | Verwachtingen expliciet maken Verwachtingsmanagement · Duidelijk zijn over verwachtingen | Benoemt vooraf welk resultaat, welke kwaliteit en welk gedrag van een medewerker worden verwacht. | stabiel |
| G | Opdracht helder formuleren Opdrachtformulering · Werkopdracht geven · Taakopdracht geven | Geeft een opdracht met doel, kader, deadline en beslisruimte, zodat de ander zonder navraag kan starten. | stabiel |
| G | Kaders en spelregels stellen Spelregels afspreken · Grenzen stellen · Kaders aangeven | Stelt vast welke grenzen, procedures en omgangsregels binnen het team gelden en houdt die zichtbaar. | stabiel |
| G | Ingrijpen bij afwijkend gedrag Corrigeren · Bijsturen op gedrag · Grens handhaven | Grijpt tijdig in wanneer gedrag of werkwijze afwijkt van de afspraak en benoemt het gevolg daarvan. | stabiel |
| G | Aanspreken op afspraken Confronteren · Nakomen van afspraken bespreken · Accountability geven | Spreekt medewerkers rechtstreeks aan wanneer een afspraak niet is nagekomen en maakt een nieuwe afspraak. | stabiel |
| G | Situationeel leidinggeven toepassen Situationeel leiderschap · Stijlflexibiliteit in sturing · Hersey en Blanchard | Past de mate van sturing en steun aan op de taakvolwassenheid en motivatie van de medewerker. | stabiel |
| G | Dagelijkse sturing op de werkvloer geven Gemba walk · Vloermanagement · Rondgang in de uitvoering | Loopt rond in het werk, ziet afwijkingen in de uitvoering en stuurt direct bij op de plek zelf. | stabiel |
| G | Positie en mandaat gepast inzetten Gezag inzetten · Doorzettingsmacht gebruiken · Mandaat gebruiken | Gebruikt de eigen formele bevoegdheid alleen waar nodig en verklaart waarom een besluit toch wordt opgelegd. | stabiel |