Creatief denken
Bekijkt een vraagstuk vanuit ongebruikelijke hoeken, combineert bestaande elementen op een nieuwe manier en komt met eigen invallen.
Hoe hrmforce dit meet
- Meetmethode
- Persoonlijkheidsvragenlijst · rho 0.40 (SD 0.15)
- hrmforce instrument
- Big Fifty, Competency Check
- Competentie (50-framework)
- Creativiteit
- Trainbaarheid
- middel
- Vraagontwikkeling 2026 tot 2030
- stijgend
Zelfrapportage van gedragsvoorkeuren. Bij hrmforce de Big Fifty en de 15PF.
Dit is een selectiecriterium, geen ontwikkeldoel op korte termijn. Zet hier geen ontwikkelplan van drie maanden op.
Gedragsankers
| Niveau | Gedrag op dit niveau |
|---|---|
| N1 Begeleid | Draagt in een overleg een eigen idee aan voor een kleine verbetering binnen de eigen taak. werkt onder toezicht en volgt instructie · routinematig, een variabele tegelijk · eigen taak |
| N3 Zelfstandig | Legt bij een vastgelopen probleem meerdere ongebruikelijke oplossingsrichtingen naast elkaar en werkt de meest veelbelovende verder uit. stelt de eigen aanpak vast en vraagt zelf om input · meerdere variabelen, enige ambiguiteit · eigen team of proces |
| N5 Toonaangevend | Doorbreekt in het vakgebied gangbare aannames, brengt vernieuwende oplossingsrichtingen in en geeft anderen ruimte om te experimenteren. zet de standaard en het beleid · strategisch, met hoge onzekerheid · organisatie, keten of vakgebied |
N2 en N4 zijn bewust niet geankerd. Beoordelaars plaatsen die tussen de ankers, conform de conventie van O*NET.
Onderliggende skills
Deze skills erven de meetroute en de gedragsankers van dit construct.
| T | Skill | Definitie | Vraagontwikkeling 2026 tot 2030 |
|---|---|---|---|
| G | Vanuit ongebruikelijke invalshoek kijken Ander perspectief innemen · Uit de gewoonte stappen | Bekijkt een vraagstuk bewust vanuit een andere rol, plaats of tijd om nieuwe oplossingen te zien. | stijgend |
| G | Bestaande elementen nieuw combineren Combineren en hercombineren · Nieuwe combinaties maken | Zet bekende onderdelen, werkwijzen of technieken in een nieuwe combinatie bij elkaar tot iets bruikbaars. | stijgend |
| G | Associeren en doorbouwen op ideeen Ja-en denken · Voortbouwen op ideeen · Vrij associeren | Bouwt in een gesprek verder op het idee van een ander in plaats van het meteen te beoordelen. | stijgend |
| G | Denken buiten bestaande kaders Out of the box denken · Kaders loslaten | Zet bestaande regels, gewoonten en aannames tijdelijk buiten werking om oplossingen te verkennen. | stijgend |
| G | Nieuwsgierig experimenteren Uitproberen · Onderzoekende houding · Tinkeren | Probeert op eigen initiatief kleine dingen uit om te ontdekken of een aanpak werkt. | stijgend |
| G | Beeldspraak en analogie gebruiken Metaforen gebruiken · Vergelijkingen maken | Gebruikt vergelijkingen en beelden om een taai vraagstuk begrijpelijk en van een andere kant te bekijken. | stijgend |
| G | Oordeel uitstellen bij nieuwe invallen Oordeel opschorten · Niet meteen afkraken | Houdt een pas geopperd idee even open in plaats van het direct af te wijzen op haalbaarheid. | stijgend |